parkeren

parkeren: 10 praktische tips & nuttige informatie

3

Parkeerregels

De overheid heeft de verschillende regels voor het parkeren wettelijk vastgelegd in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV), Wegenverkeerswet 1994, Besluit administratieve bepalingen betreffende het wegverkeer (BABW) en in de Regeling gehandicaptenparkeerkaart.

Stilstaan of parkeren?

Soms is er een groot verschil tussen stilstaan en parkeren. De wet maakt onderscheid tussen kort en lang stilstaan. Kort stilstaan wordt beschreven als: “Het onmiddellijk in of uitstappen van passagiers of laden en lossen van goederen.”De bestuurder moet zich vlakbij het voertuig bevinden. Buiten dit kort stilstaan, kent de wet alleen nog maar regels voor parkeren. Lang stilstaan wordt door de wet gezien als parkeren. Als je de auto stilzet om even snel boodschappen te doen bijvoorbeeld.

Waar mag je parkeren (of stilstaan)?

Meestal worden parkeerplaatsen of weggedeelten die bestemd zijn om te parkeren aangeven door het plaatsen van parkeervakken en havens. Als deze er niet zijn, kun je rechts op de rijbaan parkeren (tenzij het anders is aangegeven). Op eenrichtingswegen is het handig om de auto links te parkeren. Op een doorgetrokken gele streep mag je niet stilstaan. Je mag hier zelfs niet iemand uit laten stappen.

Wanneer mag je niet stilstaan of parkeren?

Het is vaak niet mogelijk om ergens stil te staan of te parkeren. Een verbod staat zelfs niet toe om even tot stilstand te komen. Op sommige plaatsen is er een parkeerverbod, maar je mag er wel laden en lossen. E1 is een rond verkeersbord met een blauwe ondergrond, een rode ronde cirkel eromheen en een rode diagonale streep. Het bord betekent dat je niet mag parkeren aan de kant van de weg waar dit bord staat. Staat er een kruis, dan betreft het een stopverbod. Je mag niet parkeren op voorrangswegen buiten de bebouwde kom, maar je mag wel in de berm parkeren.

Gevaarlijk parkeren

De mag geen gevaarlijke situaties veroorzaken met je auto door deze bijvoorbeeld stil te zetten in een bocht, bij een helling of viaduct, dichtbij of op een kruispunt of overweg, voor een in- en uitrit en dergelijke. Je mag het overige verkeer niet hinderen en het is dan ook niet toegestaan om je auto stil te zetten op voetpaden, trottoirs, ruiterpaden en fietspaden. Tussen een voetgangers- of fietsoversteekplaats moet je vijf meter afstand houden. Je kunt namelijk met je auto het uitzicht van degenen die moeten oversteken belemmeren als je er te dichtbij parkeert. Dat geldt ook voor het parkeren op een hoek van een straat. Op een fietsstrook creëer je door hier stil te staan gevaarlijke situaties voor fietsers en andere weggebruikers. Als je niet goed opvalt met je auto, is het verstandig je gevarenlicht aan te zetten. Andere weggebruikers kunnen je geparkeerde auto dan sneller zien.

Parkeren op aangegeven plaatsen

Je mag in de daarvoor bestemde parkeerplaatsen parkeren. Let op, het kan soms een parkeerterrein voor vergunninghouders zijn. Wanneer jij geen vergunninghouder bent, is het niet toegestaan van de parkeerplaatsen gebruik te maken. Ook niet als je geld in de parkeermeter doet. Soms staan er parkeermeters of parkeerautomaten omdat je voor het parkeren moet betalen.

De parkeerschijf

De parkeerschijf is een platte schijf in een blauwe hoes. Parkeerschijven worden alleen gebruikt voor voertuigen op meer dan twee wielen. Met de schijf kan de toezichthouder zien op welk tijdstip de auto op de parkeerplaats is gezet. Bij het parkeren zet de bestuurder de pijl van de parkeerschijf op het streepje dat volgt op het tijdstip van aankomst. Als je bijvoorbeeld je auto om 8.04 in het parkeervak zet, wordt de parkeerschijf op 8.30 uur gezet: één streepje na 8.00 uur. De schijf moet duidelijk zichtbaar achter de voorruit worden geplaatst. In een zogenaamde ‘blauwe zone’ (ook parkeerschijfzone genoemd) kan de toezichthouder aan de hand van de ingestelde tijd zien of de auto binnen de aangegeven tijd geparkeerd staat.

Het is verplicht om in de blauwe zone gebruik te maken van de parkeerschijf. De maximale parkeertijd staat op het verkeersbord vermeld. Het bord geldt ook voor de gehandicaptenparkeerplaatsen. De bestuurder die gebruik maakt van een gehandicaptenparkeerplaats in een blauwe zone is ook verplicht de parkeerschijf te gebruiken. Zo wordt tegengegaan dat hetzelfde voertuig te lang gebruik maakt van een gehandicaptenparkeerplaats.

Mechanische parkeerschijf

In 2006 zijn er mechanische parkeerschijven op de markt verschenen. Deze parkeerschijven bleken erg fraudegevoelig. Het gebruik van de mechanische parkeerschijf wordt afgeraden en het gebruik ervan is al verboden gevolge artikel 25 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990. In dit artikel staat dat een parkeerschijf alleen handmatig mag worden ingesteld. De parkeercontroleur kan bij het aantreffen van een mechanische parkeerschijf een boete uitschrijven. Een dergelijke boete kan bij vaststelling door de Officier van Justitie oplopen tot maar liefst 400 euro (2010).

Parkeergarages

Een parkeergarage is een parkeervoorziening. Vaak is een parkeergarage overdekt, maar dat hoeft niet altijd zo te zijn. Een parkeergarage bestaat uit parkeerplaatsen en/of uit een geautomatiseerd systeem waarin voorzien wordt van parkeergelegenheden. Soms is een parkeergarage onderdeel van een winkelgelegenheid. Meestal moet je voor een parkeerplaats in een parkeergarage betalen.

Keurmerk parkeergarage

De European Standard Parking Award (ESPA) is een keurmerk die namens de European Parking Association (EPA) wordt gegeven aan parkeergarages die voldoen aan vereisten op het gebied van veiligheid, snelheid, kwaliteit en toegankelijkheid. Zo nu en dan worden parkeergarages in Nederland onderzocht naar tarieven, bereikbaarheid, verlichting, cameratoezicht, onderhoud en dergelijke. In 2004 onderzocht de ANWB een aantal parkeergarages. De ANWB vond destijds de parkeergarages Centraal in Arnhem, Maagjesbolwerk in Zwolle en het Museumplein in Amsterdam de beste kwaliteit leveren.

Dynamisch parkeerverwijssysteem

In de meeste steden maakt men gebruik van een dynamisch parkeerverwijssysteem. Het is een netwerk van borden met displays waarop de automobilist kan zien waar en hoeveel parkeerplaatsen in de parkeergarages beschikbaar zijn. Het systeem bevordert het vlot onderbrengen van auto’s, want de automobilist kan direct naar de dichtstbijzijnde vrije plekken geleid worden. Op die manier ontstaan er minder snel opstoppingen en drukke wegen rondom het centrum worden op die manier ontlast.

Parkeren met de gsm

Je kunt tegenwoordig in de grotere steden gebruik maken van verschillende dienstverleners die ervoor zorgen dat je door middel van een sms betaalt voor je parkeertijd. We noemen het gsm-parkeren. Je betaalt dan alleen voor je werkelijke parkeertijd, meestal per minuut. Je moet je dan wel (eenmalig) registeren bij één van de dienstverleners om een account aan te maken.

Als je veel gebruik maakt van parkeerplaatsen in steden als Amsterdam, Utrecht, Den Haag of Rotterdam kan een dergelijke sms-dienst veel voordelen opleveren. Je betaalt immers voor je exacte parkeertijd en geen cent meer. Je hoeft geen kleingeld bij je te hebben en je geen zorgen te maken als de parkeerautomaat niet voldoende is gevuld of niet werkt. Ook loop je minder kans op een bekeuring (omdat je bijvoorbeeld niet genoeg geld hebt gedaan in de parkeermeter). Het gsm-parkeren wordt in steeds meer gemeenten in Nederland mogelijk.

Sms-parkeren gaat als volgt. Je meldt je bij een exploitant van dit parkeersysteem (bijvoorbeeld: Park-line, Parkmobile, Yellowbrick, SMS Parking). Je ontvangt een transponderkaart die je goed zichtbaar achter de voorruit plaatst. Je moet je auto parkeren in een gebied aar betaling met de gsm mogelijk is. De parkeerplaats heeft een code. Deze code geef je door via een sms. De code houdt de parkeerkosten per minuut bij tot de automobilist zich weer afmeldt door weer een sms te sturen. Controleurs kunnen met speciale apparatuur het transponderkaartnummer opvragen en zodoende controleren of er voor het parkeren wordt betaald. De parkeerkosten worden achteraf afgeschreven van de bankrekening of creditcard van de autobezitter.

Parkeren in Amsterdam

Ben je van plan met de auto naar Amsterdam te gaan? Het stadsverkeer is er erg druk en het is niet goedkoop om in Amsterdam je auto te parkeren. Voor het parkeren betaal je tussen de 1,40 euro per uur in de buitenwijken tot 5 euro per uur in het centrum. Op zondag moet je (met uitzondering van de andere wijken) in het stadsdeel Centrum Amsterdam ook voor het parkeren betalen.

Dagkaart

Bij de diverse parkeerautomaten kun je een dagkaart voor het parkeren kopen. Dit is vaak goedkoper is dan de auto neer te zetten voor enkele uren om bijvoorbeeld te shoppen in Amsterdam of een museum te bezoeken.

Wielklem

Als je de parkeerautomaat niet (voldoende) hebt gevuld, is de kans groot dat je de auto terugvindt met een wielklem om de banden. Om van de wielklem af te raken, moet je een parkeerboete betalen. Een parkeerboete kost 47 euro en een uur parkeergeld. Het verwijderen van een wielklem kost minimaal 103,60 euro (bedragen 2010). Je kunt de boete betalen bij een van de Servicepunten of telefonisch via de ‘Pay and Go’ servicepunten van Parkeerbeheer Amsterdam. Nadat de boete betaald is, komt een medewerker naar je auto om de wielklem er af te halen. Je kunt de medewerkers van Pay en Go (24 uur per dag) bereiken via telefoonnummer 020-2512222. Als je de boete niet binnen 24 uur hebt betaald, loop je het risico dat je auto wordt weggesleept.

Parkeergarages

Er zijn veel parkeergarages te vinden in Amsterdam. De tarieven zijn gelijk aan de tarieven die je in dezelfde buurt voor het parkeren aan de straat betaalt. De grote parkeergarages bevinden zich in het Centrum, de Bijenkorf, bij het Centraal Station, De Kolk, Stopera, Waterlooplein en de parkeergarages in West en Zuid.

Alternatieven

De stad Amsterdam heeft alternatieven om de stad te ontzien van teveel drukte van auto’s en het parkeren voordeliger te maken in de vorm van Transferia. De bekendste is Transferium Arena. Deze is vlot bereikbaar via de A2. Je betaalt hier voor het parkeren 6 euro en je kunt de hele dag gratis reizen met het openbaar vervoer. De auto staat onder camerabewaking veilig geparkeerd.

Gehandicaptenkaart

Wanneer je slecht ter been bent en je bestuurt een vervoersmiddel, kun je een gehandicaptenparkeerkaart (eventueel in combinatie met een gehandicaptenparkeerplaats) bij de gemeente van je woonplaats aanvragen. Je mag de kaart voor jezelf aanvragen, maar ook voor een ander (bijvoorbeeld een gehandicapt kind).

Er zijn vier verschillende gehandicaptenparkeerkaarten voor particulieren:
  • Een bestuurderskaart (B) voor de bestuurder van een auto
  • Een passagierskaart (P) voor degene die met iemand meerijdt
  • Een gecombineerde kaart B/P
  • Een speciale kaart voor AWBZ-instellingen
  • Een gehandicaptenkaart is dus niet gebonden aan een auto (kentekennummer) of gehandicaptenvoertuig, maar aan de persoon.

Voorwaarden

Om in aanmerking te komen voor een gehandicaptenparkeerkaart zijn een aantal voorwaarden gesteld:
  • Men moet de bestuurder zijn van een motorvoertuig op meer dan twee wielen en hulpmiddelen nodig hebben, bijvoorbeeld een stok, krukken, rollator en dergelijke. Ook moet je in redelijkheid niet in staat zijn een afstand van meer dan 100 meter in één stuk te overbruggen. Deze omstandigheid moet al een half jaar duren.
  • Voor een passagierkaart moet je aantonen dat je continu hulp nodig hebt van een bestuurder bij het vervoer van deur tot deur.
  • Je bent rolstoelgebonden.
  • Je hebt andere ernstige lichamelijke of geestelijke beperkingen die de nood van een gehandicaptenparkeerkaart verklaren. Een medische keuring is onderdeel van de aanvraag.

Kosten aanvraag gehandicaptenparkeerkaart

De kosten voor het aanvragen van een gehandicaptenparkeerkaart verschilt per gemeente. Informeer dit van te voren. Soms is de parkeerkaart gratis voor mensen met een laag inkomen of kun je om een vergoeding vragen op basis van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo).

Wat kun je met een gehandicaptenparkeerkaart?

De gehandicaptenparkeerkaart geeft recht op een plek op alle algemene gehandicaptenparkeerplaatsen. In sommige gevallen mag je de auto langer parkeren op plaatsen waar voor de anderen een beperkte parkeertijd geldt. Je mag (maximaal 3 uur) de auto bij een gele, doorgetrokken streep parkeren. Ook mag je buiten de aangegeven vakken in woon- en winkelerven de auto parkeren. Voor de controle moet je hier wel je parkeerschijf gebruiken. Uiteraard mag je de auto niet dusdanig parkeren dat de verkeersveiligheid in het gedrang komt. In veel gemeenten mag je met een gehandicaptenparkeerkaart gratis parkeren op betaalde parkeergelegenheden. Op dit moment betreft het de helft van de gemeenten, maar de overheid is bezig dit overal mogelijk te maken. Je mag de auto niet bij een stopverbod parkeren en ook niet op plaatsen die bestemd zijn voor vergunninghouders waar je zelf geen vergunning voor hebt. De kaart moet goed zichtbaar achter de voorruit worden geplaatst.

Gehandicaptenplaats

Je kunt onderscheid maken in drie verschillende gehandicaptenparkeerplaatsen:
  • Algemene gehandicaptenparkeerplaats
  • Gehandicaptenparkeerplaats op kenteken
  • Gehandicaptenparkeerplaatsen op kenteken met tijdsaanduiding

De algemene gehandicaptenparkeerplaats

De algemene gehandicaptenparkeerplaats wordt aangeduid met een blauw bord met een witte P en een wit rolstoelsymbool, eventueel aangevuld met een tijdsaanduiding. Het verschilt per gemeente of er kosten aan een gehandicaptenparkeerplaats zijn verbonden. De overheid is bezig om het overal gratis te maken.

Gehandicaptenparkeerplaats op kenteken

Op het blauwe bord met de witte P staat ook het kenteken vermeld van de auto die daar geparkeerd mag staan. Meestal gaat het om een gereserveerde parkeerplaats bij het woonhuis of de werkplek van de automobilist. Hier mag alleen het voertuig met vermeld kenteken parkeren.

Gehandicaptenparkeerplaats op kenteken met tijdsaanduiding

Het bord van een gehandicaptenparkeerplaats op kenteken met tijdsaanduiding wordt ook weer aangeduid met het blauwe bord met de witte P en het kenteken van de auto. Uitzondering is het bordje dat erbij hangt met daarop de dagen en uren wanneer het bord geldt. Op de andere tijden mogen andere automobilisten ook van deze parkeerplaats gebruik maken. Het betreft dan ook vaak een gereserveerde parkeerplaats voor een werkplek, school of plaatsen waar je vaak en met een bepaalde regelmaat naartoe gaat.

Een gehandicaptenparkeerkaart op kenteken kun je aanvragen bij de gemeente, tenzij de gehandicaptenparkeerplaats moet worden aangelegd op privéterrein. Dat kan bijvoorbeeld een parkeerplaats op het terrein van een appartementencomplex betreffen of een andere vorm van privéterrein. In dat geval moet je de aanvraag indienen bij de eigenaar of verhuurder.

De kosten voor de aanvraag bij de gemeente kunnen per gemeente verschillen. Het is verstandig om de gemeente van tevoren te vragen hoeveel kosten ermee gemoeid zijn en welke voorwaarden zij aan een gehandicaptenparkeerplaats stellen.

Parkeren bij Schiphol

Schiphol heeft meerdere parkeervoorzieningen voor langdurig parkeren. Je kunt je auto op een parkeerplaats van Schiphol voor een aantal uren tot meerdere dagen kwijt. Schiphol heeft diverse parkeergelegenheden. Hoe verder de parkeerplaats van de terminal is afgelegen, hoe goedkoper het parkeertarief. Via een snelbus bereik je snel (tussen 2 en 10 minuten) de vertrekhallen.

Schiphol Visitors parking

Deze parkeergelegenheid is de beste keuze voor een korte parkeertijd, om iemand op te halen of weg te brengen of voor een korte trip van 1 tot 2 dagen.

Schiphol Park en Travel 3

Parkeergelegenheid P3 lang parkeren is geschikt voor een langere parkeerperiode (meer dan 2 dagen).

Schiphol Smart Parking

Op deze parkeergelegenheid kun je langere tijd parkeren.

Schiphol Valet Parking

Voor de snelle reiziger is dit een geschikte parkeergelegenheid, waarbij je de auto voor de vertrekhal neerzet en vervolgens je autosleutel afgeeft aan de balie Schiphol Valet Parking. Bij thuiskomst staat de auto direct weer voor je klaar.

Schiphol Privium Parking

Wanneer je Privium lid wordt, ben je altijd zeker van een parkeerplaats, of dat nu voor korte tijd is of een langere periode.

Passagiers ophalen bij Schiphol

Als je iemand wilt ophalen bij Schiphol, dan kan dat voor de deur. Hiervoor neem je de afslag ‘Schiphol’ (A4) en je volgt de borden ‘Aankomsthal’. Je mag hier alleen stoppen om bagage in te laden. Je mag er niet parkeren. Wil je iemand opwachten en ophalen in de aankomsthal, dan kun je beter je auto parkeren op Schiphol Visitors Parking voor kort parkeren. Hiervoor volg je de borden ‘Parkeren’. In de aankomsthal kun je op de monitoren lezen in welke aankomsthal je de passagier kunt ophalen.

Passagiers wegbrengen

Op Schiphol staan een aantal speciale stop- en parkeerplaatsen voor het snel wegbrengen van passagiers. Je kunt de passagiers afzetten voor de deur, maar je mag er niet parkeren. Neem de afslag ‘Schiphol’ (A4) en volg de borden ‘Vertrekhal’. Je komt op de weg terecht die voor de drie vertrekhallen langsloopt. Op borden kun je aflezen welke luchtvaartmaatschappij er zich bevindt. Je mag hier alleen de passagier(s) uit laten stappen en de bagage uitladen. Parkeren is er niet toegestaan. Als je liever met de reiziger meegaat om deze uit te zwaaien, kun je beter kiezen voor parkeren op Schiphol Visitors Parking voor kort parkeren.

Andere parkeermogelijkheden nabij Schiphol

Het loont zich beslist naar de andere mogelijkheden te kijken als je voor een korte of langere periode op reis gaat. Er is naast de Schiphol parkeergelegenheden genoeg keuze nabij het vliegveld om te parkeren voor voordelige tarieven. De meeste parkeergelegenheden worden door middel van cameratoezicht bewaakt en zijn vaak overdekt. Je kunt online van tevoren een plek reserveren (en direct zien of er ook plaats is voor een bepaalde periode). Een bus brengt je van de parkeerplaats voor de deur van de vertrekhal en terug naar de auto.

Parkeerschade

Drukke en volle parkeerplaatsen leiden voor veel autobezitters tot blikschade. Verschillende keren is uit onderzoek gebleken dat de meeste aanrijdingen gebeuren op de parkeerplaats. In 2008 deed verzekeraar Reaal een onderzoek waaruit bleek dat vier op de tien aanrijdingen plaatsvonden op de parkeerplaats.

Mannen hadden meer schadegevallen dan vrouwen, maar de schade bij de mannen werd voor het grootste deel veroorzaakt door de bestuurder van een andere auto. De meeste schade werd veroorzaakt omdat de bestuurder niet goed had opgelet. Een aanrijding op een parkeerplaats regel je meestal zelf met de andere bestuurder en de verzekeringspapieren.

Maar wat doe je als je uit de winkel komt en je ziet dat je auto opeens schade heeft? Er zit geen briefje onder de ruitenwisser en de schuldige is verdwenen. Controleer eerst of het schade betreft door een aanrijding. Schade door vandalisme wordt niet vergoed! Schade door een aanrijding kan vergoed worden door een waarborgfonds. Maar dan is het wel belangrijk om een getuige te vinden. Dat moet iemand zijn die gezien heeft wie en hoe iemand tegen je auto is aangereden, en/of heeft gezien dat de schade voordat je de auto parkeerde er niet was, en/of erbij was toen je de schade ontdekte. Het mag ook een medepassagier zijn geweest. Je kunt een oproep plaatsen als je geen getuige kunt vinden. Daarbij moet je aangifte doen bij het politiebureau. De getuigenverklaring(en) kun je samen met een schadeformulier en het proces-verbaal indienen bij het waarborgfonds. De eerste 250 euro van de schade zijn voor eigen risico.

Aanpak parkeerprobleem

Tegenwoordig rijden er veel auto’s in Nederland. Volgens cijfers van de ANWB heeft 42,5 procent van alle gezinnen een auto. Parkeren is en blijft dus een lastig probleem. In de grote steden levert het parkeren vaak zorgwekkende problemen op.

De behoefte aan (uitbreiding) van parkeerruimte ontstond 400 jaar geleden al. In een grote stad als Amsterdam reden veel koetsen en karren. Ze mochten niet in het centrum van Amsterdam parkeren. Er werden vier pleinen speciaal voor ze aangelegd: het Weesperplein, het Leidscheplein, het Muiderplein en het Haarlemmerplein. De hoop werd gevestigd op de auto. Deze zou minder ruimte in beslag nemen dan de koetsen met paarden.

Toen de auto kwam, was het parkeerprobleem niet voorbij. De auto´s namen net zoveel ruimte in beslag als de koetsen en karren. Bovendien durfde niet iedereen ´zomaar´ zijn wagen te laten staan. Zo werden auto´s rond 1930 bewaakt door zogenaamde ´sloebers´. De sloebers bewaakten je auto voor een paar centen. Als je het lef had ze niet te betalen (want ze wilden je auto ook wel eens ongevraagd bewaken) staken ze de banden lek of bekrasten ze de lak. Parkeren was in die tijd dus eigenlijk ook niet gratis.

In Den Haag werd op een gegeven moment een nieuw parkeersysteem gehanteerd. Op even dagen mocht je in de smalle straten aan de kant met even nummers parkeren. Op oneven dagen kon je aan de kant met de oneven nummers parkeren. Hoe gek het idee ook leek, het bleek een groot succes. Het idee werd overgenomen door Engeland.

In de jaren ´50 bedacht men steeds meer nieuwe dingen om het parkeerprobleem aan te pakken. In deze jaren ontwikkelde men de parkeerschijf en de parkeermeter. De eerste parkeermeter werd in 1961 bij het vliegveld Schiphol geplaatst. Er werden daarna al spoedig veel meer meters geplaatst, verspreid over het land.

In 1965 werd de eerste parkeergarage geopend. Het warenhuis Vroom & Dreesmann bouwde dat jaar zelfs een garage op het dak. Er zijn in de loop van de jaren vele parkeergarages bijgekomen, ondergronds en bovengronds. In 2007 ontwikkelde de ANWB een stapelgarage waar auto´s via rails automatisch naar een passende plaats worden gebracht.

Rond 1975 kwamen er plannen om parkeerplaatsen bij stations aan te leggen, de zogenaamde P + R. De P staat voor Parkeer en de R voor Reis. Je kunt hier een auto bij een trein- of metrostation plaatsen en met het openbaar vervoer verder reizen. Hiervoor betaal je één klein bedrag, vele malen goedkoper dan wanneer je in het centrum van een grote stad zou betalen. P + R plaatsen worden ook wel Transferia genoemd.

Tips & Reacties

  • Bebouwde kom

    Kijk uit met het parkeren in de berm binnen de bebouwde kom. Sommige bermkanten kunnen als groenstroken zijn aangemerkt, ook al staan er geen bloemen in, zijn er geen bloemperkjes, is er geen bord met aanduiding: "Alleen in de vakken", zijn er geen trottoirs en zijn er geen trottoirbanden. (Vooral bij evenementen is het oppassen!)
    Tip van B op 21 februari 2012

Deel je eigen tip over parkeren

En maak kans op een cadeaubon ter waarde van € 25!